Emma en Marcel

Bliksem verjaardagsbezoek

Emma was jarig op 2 augustus. Op woensdag (29 juli) zei ik tegen Marcel “We moeten niet vergeten een kaart aan Emma te sturen”. Marcel`s antwoord was “Waarom gaan we niet naar haar toe?”….

Bijna 800 km naar het zuiden rijden, in de drukste periode van het jaar? Zaterdag zou het namelijk code “zwart” zijn en vrijdag code “rood” op de wegen. We kunnen op donderdagmiddag gaan rijden. Het is belangrijk dat we op “rode vrijdag” voorbij Orleans zijn.

Het zou waanzin zijn om donderdag in één ruk door te rijden. Dus een hotelletje zoeken.

We stoppen regelmatig in Argenton-sur-Creuse. Dit leuke dorp ligt aan de cross-roads in het Centre en op zo`n 300 km van StGé. En bij het restaurant waar we dan lunchen is ook een hotel “Beauséjour” gevestigd en ja, ze hadden nog een kamer vrij. Zo gezegd, zo gedaan.

Marcel moest nog een paar administratieve zaken in de ochtend afhandelen, en na de lunch zaten we om 14.30 in de auto. Geen files onderweg, zelfs de N118 gaf geen problemen.

Aangekomen op onze bestemming hebben we ingecheckt, een ruime comfortabele driepersoonskamer met een jaren zestig behangetje, een ruime badkamer en een moderne ventilator, het was nog steeds meer dan 35 graden. `s Avonds hebben we door Argenton gekuierd en aan de waterkant gezeten. Op vrijdag hoefden we nog slechts 450 km te rijden.

Het waren een paar leuke dagen in het zuiden. Marcel heeft gekookt, we hebben gekletst bij een glas pastis, rode en witte wijn, en Nederlandse TV gekeken. Emma nodigde ons uit voor een verjaardag lunch bij Le Commerce in Mirepoix. Het heeft een traditionele keuken en het personeel is de afgelopen tien jaar niet veranderd en ook mevrouw de eigenaresse, ver voorbij de pensioenleeftijd, heeft nog steeds dezelfde hair coupe. Het is een restaurant dat ik ten volle kan aanbevelen.

Op maandag zijn we in een ruk naar huis gereden, dat wil zeggen, zonder overnachting. We zijn natuurlijk, en bijna vanzelfsprekend, bij Siranouche en Hans gestopt voor de lunch. De verdere 560 km naar huis verliepen soepeltjes, ondanks een brandende vrachtwagen bij de péage barrière van Saint Arnoult, de laatste en grote voor Parijs. Via de radio wisten we van de omleiding over een parkeerplaats en we verloren amper tijd, behalve dan voor die dikke Belg in een camper die niet bij de betaalmachine kon, niet uitstapte en wachtte tot iemand van het personeel hem kwam helpen…

Maartje

IMG_5382

Een Vlaams straatje – rue de la Flandre

De rue Androuet (75018, metro Abbesses) was van 5-11 juli veranderd in een Vlaams straatje `rue de la Flandre`. Er stond een frietkot, je kon er Vlaamse biertjes proeven en als klap op de vuurpijl liepen er op zaterdag twee grote Vlaamse paarden rond. Deze paarden worden gebruikt bij de garnalenvangst aan de Vlaamse kust. Natuurlijk zagen we onze Vlaamse vriend Frederik Boriau en andere leden van de VIP (Vlamingen in Parijs). Het was een gezellige middag, dat kun je onze Vlamingen wel toe vertrouwen. Ik zie het niet zo snel gebeuren dat de VVV en KvK van bijvoorbeeld Noord en Zuid-Holland een soortgelijk evenement organiseren.

Maartje 

IMG_5659

IMG_5322

De Baai van Mont-Saint-Michel (25-27 juni)

Donderdag, 25 juni, vierde onze vriend Yann zijn 59ste verjaardag. Dit keer niet bij zijn schoonouders in de buurt van Crépy-en-Valois (60), maar bij zijn moeder in Carolles. Een dorp in het departement Manche (50). Véronique zijn vrouw nodigde ons uit. En we zeiden ja. De grootste stad in de buurt is Granville, waar we vorig jaar een paar dagen zijn geweest.

De eerste grote hap van de 330 km ging over de A13 (Rouen-Caen). Daarna werd het de snelweg A84 (geen péage). In een opwelling besloten we de afslag 42 te nemen. Daar hadden we geen spijt van. De D577 kronkelde door het mooie landschap naar Vire. Dit stadje is in 1944 weggebombardeerd. Het enige oude monument dat is overgebleven is een stadstoren gebouwd door Henri I, koning van Engeland en hertog van Normandie. Vire is ook bekend als de hoofdstad van de andouille. Na de lunch, nee geen andouille, ging de tocht verder naar Avranches. Vervolgens via een kustweg (eerste zicht op de Mont-Saint-Michel) naar Champeaux, waar we een b&b hadden geboekt.

Véronique en Yann hadden een heel programma voor ons samengesteld. Een paar uur aan het strand van Carolles. Een wandeling van 2.5 uur over de rotsen naar de Cabane van Vauban. Een ochtendbezoek aan de markt van Jallouville. Ook voor de inwendige mens werd gezorgd. Yann`s verjaardagsdiner bestond uit fruits de mer (ook een van mijn favourieten). Mousette (spinkrab), bulots (welken), langoustines en grijze garnaaltjes. Een andere maaltijd was turbot en een licht diner van verschillende charcuterie.

Op zaterdag zijn we voldaan naar huis gereden, na een korte stop in Granville en een koffiestop in Villers-Bocage.

Maartje Michelson

 

Mousette

Mousette

Een tussendoortje aan de Albaster kust

Een tussendoortje aan de Albaster kust

We waren nog niet goed en wel thuis of het kriebelde alweer. Veel `gedwongen` vrije tijd…. Een luxe probleem..?

We keken elkaar aan over de rand van onze boeken en het was een deal. Woensdagochtend ons `vaste` hotel geboekt in Saint Valéry en Caux, voor de nacht van 19 juni.

Vrijdagochtend nog een vol programma. Drie km rennen en drie km `snelwandelen` met Marcel. Daarna snel douchen om naar Parijs te gaan voor mijn lunch met Mee Lan Frank en Annabelle Mourougane, oud-OECD collega`s.

Het is erg belangrijk om de band warm te houden, want ik zou er graag teruggaan. Om 14.45 terug in StGé, de auto stond klaar. We moesten om 17.00 in St Val zijn omdat Marcel een interview gepland had. En we haalden het strakke schema. 17.30 Apéro-time: bij de locale supermarkt een fles cidre brut, pinda`s en chips gekocht.

Genieten op een bankje in de zon en met brutale meeuwen boven ons hoofd en aan onze voeten. Rondje langs de kade gemaakt om het schaaldieraanbod te vergelijken. En de belangrijke vraag: waar gaan we straks eten.

Het werd Le Corsaire, op het terras aan de haven en nog steeds in het zonnetje. Marcel had een vispotje en ik een bord fruits de mer. Na nog een wandeling langs de kade gingen we tegen 21.30 naar ons hotel.

De volgende ochtend, na een sandwich en koffie bij de PMU/brasserie en de aankoop van een kreeft aan de kade, richting Dieppe over de kustweg.

Onderweg een marktstop in Varengeville sur Mer en in Pourville sur Mer voor de oesters. Op de markt in Dieppe vis, twee kilo verse knoflook en een gebraden kippetje (voor onze lunch) gekocht. Het was nog redelijk vroeg, ipv rechtstreeks naar huis te rijden, nog een omweg gemaakt via Le Tréport.

Op het strand ons kippetje en een bakje frites gegeten (nog steeds in het zonnetje). Ik heb als klap op de vuurpijl een ritje gemaakt met de onbemande kabelbaan, het is een zelfbediening.

Marcel bleef beneden op me wachten. Toen huiswaarts in een auto die lichtelijk naar knoflook rook.

Bourdeaux

Bordeaux

Ik heb het enorme voorrecht af en toe te worden uitgenodigd voor een wijn diner in Bordeaux. Dat komt omdat ik over wijn schrijf en er elke twee jaar een diner is voor de internationale pers tijdens de Vinexpo.

Zo ben ik twee maal op Mouton Rotschild geweest, een keer bij Lafitte Rothschild en een ander evenement op Château Haut Brion met de prins van Luxemburg, Robert Clarence Dillon.

Dit keer was het diner op Château Margaux, omdat daar een nieuwe kelder ruimte door architect Norman Foster werd geopend. Maartje mocht deze keer mee en we warden met een bus uit Bordeaux naar het chateau gebracht, beiden keurig in avond kleding.

Er was een grote tijdelijke ruimte achter het château gemaakt voor honderden gasten. Guy Savoy was de chef kok en er waren wat interessante wijnen.

Wij zaten aan tafel met Philippe Sereys de Rothschild en zijn vriendin, de actrice Carole Bouquet. Philippe is no de baas van het wijngoed Rothschild na het overlijden van zijn moeder Philippine. De baronesse was een actrice die een Rothschild had getrouwd. Philippe combineert de naam van zijn vader en die van zijn moeder en het familie bedrijf.

We waren het hele weekeinde in de stad. Eerst hadden we Emma bezocht in de Ariège en daarna gingen we bij Hans en Siranouche langs omdat het haar verjaardag was.

We hadden maanden geleden al geboekt omdat Bordeaux vol zit rond de Vinexpo en de prijzen door het dak gaan. We gingen terug naar een soort hotel waar we een keukenhoek hadden en niet dagelijks door schoonmakers werden gestoord.

Het hotel ligt vlak bij de kades in de Chartrons wijk. Vernoemd naar een Kartuizer klooster, was deze wijk lang het centrum van de haven overslag toen Bordeaux nog een grote handelsrol speelde. Daarna zijn de hangars in onbruik geraakt en werd de achterliggende wijk een soort “zone” voor krakers, junkies en anderen.

De kade is gerestaureerd en er is nu een heel mooi waterkant vanaf het centrum tot de Chaban Delmas brug. De hangars zijn verbouwd en daar zijn nu factory outlet stores, restaurants, een evenementen gebouw en parkeer garages op het dak.

De wijk er achter wordt nu steeds leuker, met winkel straatjes, nieuwe en moderne complexen en gerestaureerde oudbouw. We zouden er best kunnen wonen, vooral met uitzicht op de rivier. Wie weet komt het er eens van.

We moeten dan wel opschieten want in 2017 is er een nieuwe hoge snelheidslijn tussen Bordeaux en Parijs die de reistijd tot twee uur terugbrengt van meer dan drie uur nu. Dan zou je bijna dagelijks kunnen pendelen..

Veel van mijn huidig werk zou ik ook vanuit Bordeaux kunnen doen, ik moet er wel wat klanten bij hebben en we moeten dan natuurlijk wel even een huis vinden, en voor kopen heb je geld nodig en voor huren heb je vaak een vast contract nodig….Details, details.

 

Wat fluit daar in struikgewas?

Sinds kort hebben een van onze buren een stel zangvogeltjes in een kooi buiten op hun terras. Het fluit en roept en zingt dat een lieve lust is. Nu horen en zien we ook een soort kanarie op het scheidingsmuurtje zitten. Wij denken dat het een tamme vogel is die ergens ontsnapt is, en nu zangcontact zoekt met de gekooide fluiters. De honden van mevrouw L., die los op het terrein lopen en die vogels horen, snappen het niet helemaal meer.

Mirage

Mirage

Chantilly

Een dromige naam voor een oud stadje. De Franse naam voor slagroom komt hier vandaan, waarschijnlijk omdat het hier gegeten werd in de fraaie gebouwen. De prinsen van Condé, de Aga Khan, de bezoekers van de paarden renbaan. Ze konden er wat van.

Paarden speelden lang een rol en er staan nog grote stallen en er is een paard museum.

We gingen er heen omdat het mooi weer was en omdat er een televisieprogramma was geweest met fraaie dingen uit het museum van de Condé’s.

We reden over de snelweg en toen over Orry La Ville – waar het Nederlandse oorlog ereveld is – door de landen en bossen naar Chantilly. Eerste stop een parkeerplaats waar ze vier euro per uur wilden hebben, dan maar doorrijden. Uiteindelijk het stadje door en weer terug en toen hebben we de auto voor de renbaan geparkeerd en hebben we de rest gelopen.

Het was mooi weer en het kasteel lag er fraai bij, maar ook daar was het entreegeld best wel hoog voor een korte visite.

We gingen het dorp in en dronken wat bij cafe L’Etrier. Onderwijl reden er oldtimers langs, vooral cabrio’s, en ook een aantal nieuwe Porsche’s.

Veel geld dus, en een duur hotel. We gingen terug naar de renbaan om in het gras wat te eten en daarna met de auto naar de abdij van Royaumont. Ook mooi in het zonnig weer. Ook best duur, tenzij je een goed omlijnd plan hebt om er iets te bezichtigen.

Dan maar langzaam terug naar Saint-Germain-en-Laye waar het ook mooi is maar wel wat levendiger.

Chantilly

Chantilly

 

Bezoek aan de Garde Républicaine

Onze vrienden van de VIP (Vlamingen In Parijs) organiseerden een bezoek aan de Garde Républicaine op zaterdag 7 februari. Het is bijna traditie dat wij dan ook aansluiten bij hun activiteiten. Dus geen uitslapen op zaterdagochtend.

Om 09.45 zaten we in de RER naar Parijs. Het was een mooie heldere, ijskoude dag. Het verbaast me altijd weer hoe snel je in Parijs aankomt (mits de treinen rijden, natuurlijk)… Via een overstap (op Les Halles) op de metrolijn 7 waren we binnen 45 minuten op de plaats van bijeenkomst: 18 Boulevard Henri IV.

We werden van harte welkom geheten door Frederik Boriau, de sympathieke voorzitter van de VIP. We werden in twee groepen gesplitst, en na het vertoon van onze id-bewijzen en een snelle controle van onze tassen, gingen we naar binnen. Het is een mooi complex en als je er rondloopt waan je je niet in het centrum van Parijs.

Op het programma stond een bezoek aan het museum, waar je een overzicht kon zien van de verschillende kostumes en de geschiedenis in vogelvlucht van de garde. Daarna bezochten we de manege en de paardenstallen. Ja je leest het goed, paarden. Hier bevinden zich de paarden van de garde. Indrukwekkend hoor om deze edele dieren van zo dichtbij te bewonderen.

Zelfs hier is sprake van hiërarchie: de paarden van de officieren hadden een eigen stal. Dit in tegenstelling tot de paarden van de `gewone` soldaten, die stonden in kleinere afscheidingen in een groot gebouw. De rondleiding duurde in totaal 1.5 uur. Na afloop zijn we met een man of 9 gezamenlijk gaan eten bij het restaurant Les Remparts, een bistroachtige gelegenheid.

Onder het genot van een glas Cahors (2010) hebben we nog gezellig nagetafeld. Al met al was het een dag très sympa.